
De reddingsboei van vele Noord-Groninger kerken
Algemeen Verhalen ‘Overdracht is geen feestelijke gebeurtenis’NOORD-GRONINGEN - Maar liefst 103 kerken. Zoveel (voormalige) Godshuizen heeft de Stichting Groninger Kerken in haar bezit. De meest recente aanwinst is de Nicolaaskerk in Oldenzijl. Voor heel veel Groninger kerken is de stichting een reddingsboei, om verpaupering en misschien wel afbraak te voorkomen. Opvallend veel van deze geredde kerken staan in Noord-Groningen.
door Hielko Merkus
Stichting Groninger Kerken zag in 1969 het levenslicht, al heette de kerkenclub toen nog Stichting Oude Groninger Kerken. De situatie rond de Obergumer kerk in Winsum leidde tot de oprichting. Die kerk verkeerde eind jaren zestig namelijk in ronduit erbarmelijke staat. De kerkelijke gemeente aldaar had het in die tijd lastig om zelfstandig de broek op te houden. Eeuwenlang -de kerk stamt uit de dertiende eeuw - had het daar ‘grote broer’ Winsum niet voor nodig. De geloofsgemeente in Obergum maakte in de Middeleeuwen deel uit van de proosdij in Baflo (een van de Bafloër kerkleiders was de vader van Rudolf Agricola) en later vormde men een kerkelijke gemeente met Maarhuizen in Ranum. In 1966 viel er niet meer aan een samenvoeging met Winsum te ontkomen.
Alternatief voor sloop
Twee jaar eerder was de armlastige gemeente toch doodleuk aan een grootscheepse restauratie van de kerk begonnen, in de veronderstelling dat er geld vanuit het Rijk voor beschikbaar kwam. Het plan werd echter door de minister afgeschoten. Ondertussen was vrijwel de hele inrichting van de kerk weggesloopt -om meer over de bouwgeschiedenis te weten te komen- en in de hoek van het kerkhof op een hoop gegooid. Geld voor de restauratie kwam dus niet los, waarna verder verval inzette. ,,Als alternatief voor sloop ontstond het idee om een stichting op te richten. Zo werd Obergum de wieg van de Stichting Oude Groninger Kerken”, zegt de kerkenstichting zelf over de kerk van Obergum. Eerste voorzitter van de Stichting was dominee Bjarne Kristensen, tevens een van de oprichters.
Het eerste object dat de stichting in haar bezit kreeg, was de kerk van Obergum echter niet. Dat was de toren van de hervormde kerk in Zuidwolde. Die toren werd op 7 november 1969 voor één zilveren gulden gekocht. Na de restauratie ervan werd de toren voor hetzelfde bedrag teruggekocht door de gemeente Bedum.
Museum Wierdenland in kerk Oostum
Behalve Obergum wierp de Stichting (Oude) Groninger Kerken meteen ook tal van andere kerken een reddingsboei toe. In de beginperiode werden bijvoorbeeld de kerken van Oostum, Westerwijtwerd, Leegkerk en de Kloosterkerk van Thesinge overgenomen. Voor de kerk van Oostum lag er overigens een plan op tafel om er een voorloper van Museum Wierdenland in onder te brengen, maar zover kwam het niet. Het ging stuk voor stuk om kerken die, zoals de stichting het zelf zegt, ‘bedreigd werden door ernstig en onaanvaardbaar verval’.
Geschiedenisboek
,,Bij de oprichting van Groninger Kerken in 1969 lag de nadruk op restauratie en behoud. Inmiddels is de cultuurhistorische, maatschappelijke en landschappelijke betekenis van de kerken even zo belangrijk geworden”, luidt de uitleg op de site van de kerkenstichting. ,,Het is niet per se vanwege de rijksmonumentale status dat de kerken geliefd zijn, maar omdat ze eeuwenoud zijn en omdat ze de stille getuigen zijn geweest van grote en kleine gebeurtenissen die in het individuele of collectieve geheugen liggen opgeslagen. De kerk is geschiedenisboek en dorpsklok tegelijk. Voor dorpsbewoners is de kerk verbonden met hoop, vreugde en verdriet, met doop, trouwerij en afscheid.” De grote betrokkenheid die Groningers hebben met ‘hun’ kerk, werd al meteen na de oprichting van de stichting duidelijk. In de eerste maand van haar bestaan, hadden zich al 600 donateurs gemeld om het religieuze erfgoed in deze provincie te helpen behouden.

Kopen geen kerken
Inmiddels heeft de kerkenstichting maar liefst 103 kerken in haar bezit. Alleen in deze regio gaat het al om tientallen kerken. Die staan in Adorp, Baflo, Bedum, Bierum, Breede, Den Andel, Eenrum. Eenum, Feerwerd, Garnwerd, Godlinze, Hornhuizen, Klein Wetsinge, Leermens, Loppersum, Losdorp, Middelstum, Niekerk, Obergum, Oldenzijl. Onderdendam, Oosternieland, Oosterwijtwerd, Oostum, Pieterburen, Saaxumhuizen, Spijk, Stitswerd, Tinallinge, Uithuizen, Uithuizermeeden, Ulrum, Usquert, Vierhuizen, Wehe-den Hoorn, Westeremden, Westernieland, Westerwijtwerd, Wirdum, ‘t Zandt, Zeerijp, Zuidwolde en Zuurdijk. Verder bestaat het bezit onder andere uit een kerktoren in Kloosterburen en het kerkhof van Wierhuizen. Maar wanneer neemt de stichting een kerk over? Op die vraag wordt op de eigen site uitgebreid antwoord gegeven. ,,Om te beginnen: wij kopen geen kerken, maar krijgen ze overgedragen met een bruidsschat. Voor de koopsom van 1 euro wordt het eigendom aan ons overgedragen, samen met de bruidsschat. Deze bruidsschat bestaat uit financiële middelen die bijdragen in het onderhoud in de eerste periode na overname.” De hoogste van die bruidsschat verschilt per keer, want is van diverse factoren afhankelijk. Zoals de grootte van de kerk, de staat van onderhoud en of het gebouw te gebruiken is voor evenementen.
‘Is niet niks’
,,De gesprekken over een kerk beginnen bij een eigenaar die de kerk wil overdragen aan een andere partij”, legt men bij de kerkenclub uit. ,,Vaak nemen zij contact op met Groninger Kerken, omdat wij ons inzetten voor het behoud en het gebruik van de vaak eeuwenoude kerken in stad en provincie Groningen. Zo’n eigendomsoverdracht is zowel voor de verkoper, vrijwel altijd een kerkelijke gemeente, als voor Groninger Kerken niet niks en dit proces duurt dan ook vaak vele jaren. Een overdracht is vaak een gevoelig proces, wordt uit nood geboren en is daarom geen feestelijke gebeurtenis.”




